Rock Meets Classic, Linz 31-03-2010

Ian Gillan, zanger van Deep Purple, en het Bruckner Orchestra van Linz, gedirigeerd door Friedemann Riehle, , op hetzelfde podium, rocksongs ten gehore brengend in een iets ander arrangement. Zou dat werken?

De laatste 2 shows in Duitsland 2009 waren - ah, laten we zeggen 'interessant' waar het het 'weer' en de 'show' betreft (eigenlijk moest je erbij zijn om te waarderen wat Ian in Ferropolis deed om de show te redden - en de avond redden deed hij!), maar geluidstechnisch was het een ramp. De Tips Arena in Linz (goddank was het deze keer een binnenconcert!) is normaal gesproken een spot arena, maar het kan ook als een congres of concerthal gebruikt worden. Dat klink wat geluid betreft niet echt veelbelovend maar Rob Hodgkinson, Deep Purple's eigen geluids technicus vertelde mij een keer dat er geen slechte akoestiek bestaat, er zijn alleen slechte geluids technici ;-) . Om je de waarheid te vertellen heb ik geen idee of hij gelijk heeft, maar daar in Linz bewees hij dat hij een van de beste in zijn vak is. Hij gaf het publiek een glas helder geluid, elk en ieder instrument van het orkest was hoorbaar en zij combineerde uitstekend met Ian's stem en Lidia Baich's viool. Maar laat mij bij het begin beginnen...

Eerst werden er 3 niet DP songs opgevoerd. Gepresenteerd door 2 jonge dames, Nicoletta Spalas en Teresa Gadova (sorry, ben niet geheel zeker wat de spelling betreft aangezien ik de namen alleen gesproken heb gehoord).


Zij speelde 'Shine On You Crazy Diamond', 'Who Wants to Live Forever' en 'Echoes'. Aangezien ik een grote Pink Floyd fan ben was het een echte traktatie om deze twee nummers live te horen. Voor mij heeft Pink Floyd's muziek altijd al een soort symfonische inslag gehad. Een goed begin dus.

Het orkest ging vervolgens door met 'Out of Universe', een klassiek stuk door Gustav Mahler geschreven, in deze versie recentelijk door het Praags Filharmonisch Orkest opgenomen en welke gebruikt is als soundtrack voor een film. Maar toen brak het moment aan waar we allemaal op gewacht hadden. Ian Gillan betrad het podium onder een groot applaus.

 

'Highway Star', de standaard opener voor DP dezer dagen klonk fris en krachtig in deze versie met orkest en Ian had er schijnbaar schik in. Het was echt interessant om alle solo's door orkest instrumenten gespeeld te horen worden die normaal door gitaar en orgel worden gespeeld. En wat het zelfs nog interessanter maakte was dat ze niet zomaar gespeeld werden maar de ware essentie van de solo's was op de een of andere manier vertaald 'naar orkest'. Na 'Strange Kind of Woman' kregen we 'Woman from Tokyo', welke - in ieder geval in mijn oren - bijna voorbestemd is voor een 'orkestrale bewerking' (en is ook een van mijn favorieten aller tijden van Purple ;-) ).

Als er ook een goed ding is (natuurlijk zijn er vele meer!) dat over zulke 'neven projecten' gezegd kan worden dan is het het feit dat soms bepaalde mooie nummers als 'stage geschikt' gedoopt worden en op de setlist van DP eindigen zoals gebeurd is met 'Wasted Sunsets'. Eerst gespeeld door Ian tijdens zijn 'Gillan's Inn tour', Heden ten dagen is het gelukkigerwijs een regelmatige gast tijdens de shows.

Tijdens 'Ted The Mechanic' versterkte Lidia Baich de gelederen en zij voegde een paar echt aantrekkelijke tunes toe met haar viool (en een leuk aanblik voor het mannelijke deel van het publiek, zou ik zeggen ;-) ).

Vervolgens verliet Ian het podium om ruimte te maken voor een muziek stuk voor orkest en viool. De setlist zei 'Bruch' - tot mijn schaamte moet ik bekennen dat ik geen idee heb of het de naam van de componist is of de titel van het stuk. Daarna kwam 'No Lotion for That', jammer genoeg het enige nummer van 'One Eye To Morocco' dat die avond gespeeld werd, daarna 'Pictures of Home', 'Perfect Strangers' en 'Fireball', de laatste weer met Lidia Baich op viool. Daarna was het weer tijd voor een ballade en 'When a Blind man Cries' voldeed daar uitstekend voor. Maar er was niet veel tijd voor sentimentaliteit, Black Night bracht daar snel verandering in.

Tot zover had ik het idee dat het publiek gemoedelijk, vriendelijk en erkentelijk was maar niet echt enthousiast. Ten eerste, een zittend concert is niet echt uitnodigend voor 'rockescapades', en ten tweede, ik denk dat niet iedereen in het publiek van te voren op de hoogtewas van wat ze te wachten stond. Maar met de eerste noten van Smoke on the Water (weer met viool) veranderde dat meteen. Veel gejuich en applaus. Sommige mensen van het publiek sprongen zelfs op en danste een beetje - voor Oostenrijkse begrippen is dat zo'n beetje 'rock-gedrag', geloof mij maar ;-). Dit het laatste nummer van de standaard set zijnde verlieten zanger, violiste en dirigent het podium onder begeleiding van en groots applaus.

Na een korte pauze kwamen ze weer terug en als een toegift werd 'Pictures of Home' nog een keer gespeeld. Voor mij een uitstekende keuze aangezien dit nummer gewoonweg live 'klopt' met zijn gedreven bijna uitzinnige kwaliteit..

Tot zover over de voortgang van de avond. Nu wat persoonlijke opmerkingen

Ten eerste zagen (en hoorde) we een zanger die in een uitstekende vorm was. Hij vermaakte zich ogenschijnlijk hel goed, de dingen iets anders doend dan met Deep Purple, en het meest belangrijkste was dat er bijna geen 'schreeuwen' waren. In feite was het nogal verbazingwekkend hoe 'GOED' al de nummers klonken, gezongen (niet geschreeuwd) die nog steeds een van de meest opmerkelijkste en beste stem in de rock muziek heeft. Ik kan alleen voor mijzelf spreken maar ik heb geen een van deze schreeuwen gemist. Niet terwijl er zoveel kracht en intensiteit was, zoveel rijkdom en controle in de stem. Ik weet werkelijk niet waarom Ian afzag van de schreeuwen maar dit was werkelijk een heel speciale show waar ik intens van genoten heb. Ja, ik weet dat dit geen Deep Purple show was maar - met een paar snelle blikken links of rechts voor pijlen en bijlen - ik denk dat zelfs DP-shows profijt zouden kunnen hebben van enige zelfbeheersing daar waar het schreeuwen betreft. Begrijp mij alsjeblieft niet verkeerd, Ik heb genoeg DP shows gezien, en heb van alle extreem veel genoten. Maar is het niet zo dat mensen veranderen, dat dingen veranderen? Dus waarom zouden nummers niet mogen veranderen? Deze schreeuwen waren een essentieel deel tijdens de DP shows in het verleden, maar - zoals we in Linz konden horen - zijn ze niet meet essentieel. Niet met Ian zingend in zijn glorieuze, melodieuze en magnifieke middenbereik, daardoor ons een adembenemende show gevend.

Alles bij elkaar was dit een avond met geweldige muziek, een paar verassingen, een paar grappige opmerkingen door Ian, zelfs een paar danspasjes door hem gedaan, met een heel enthousiast orkest die veel lachten en een dirigent, in de persoon van Friedemann Riehle, die geen twijfel liet bestaan dat hij de situatie meester was

De hartstocht die hij uitstraalde was bijna tastbaar en voor mij was dit een grote bijdrage aan het succes van de avond. Er was ons verteld (ondanks dat hij dit zelf ontkende - uit bescheidenheid misschien?) dat de meeste composities door hem zelf gedaan zijn. Zoals ik hierboven vermeld heb heeft hij niet alleen de melodie van de elektrische instrumenten 'vertaald' naar orkest. Hij heeft echt de essentie gevangen van de nummers en hun solo's en zorgde dat het orkest ze speelde.

Lidia Baich is geen vreemde voor DP fans aangezien ze al een paar shows met hun deed. De eerste keer dat ik haar zag was in Graz 2007, en ik herinner mij dat ik verbaasd was hoe vloeiend en 'welsprekend' zij de muzikale dialogen met Steve zijn gitaar benaderde. Deze keer was ze iets meer aanwezig in het gehele geluid gedeelte. Alleen met haar solo gedeelte na 'Ted the Mechanic' bewees ze dat ze heden ten dagen inderdaad een van Oostenrijks meest gerespecteerde violistes was.

Als laatste, met zulke shows krijg je een gehele nieuwe kijk op de nummers die je als bekend beschouwd. Nieuwe arrangementen wijzen op nog nooit gehoorde melodieën, en iedere betrokkene, zijnde een lid van het orkest, solist, zanger en zelfs de geluids technicus krijgen een kans om 'de dingen anders te doen'. Een uitdaging die elk van hen accepteert, omarmt, en het hoofd biedt in een heel overtuigende manier.

Ik durf te zeggen dat het gehele publiek de zaal tevreden verliet, vele van hun opgetogen, en sommige van hun zeker met een iets verbrede muzikale horizon. Ongeacht of ze vooraf klassieke liefhebbers of rock enthousiastelingen waren.

Monika Schwarz